Huisje te koop

Oh, wat was het gezellig bij Els en Gérard. Na ons verblijf in het mooie huisje van de Herdade hebben we de camper weer geparkeerd op de oprit bij Els. Els heeft ons getrakteerd op een hele mooie sight-seeing tour door de omgeving met als hoogtepunt Monsaraz. Dat kende ik wel maar voor Ria een verrassing en voor mij altijd weer mooi om te zien. Een prachtig wit dorpje bovenop een berg in vrijwel de originele staat. En dan een aperitiefje in de vorm van een bezoek aan een altaar van 4000 voor Christus en een soort Henge Stones. Het lijkt of Spits daar met nog meer plezier tegenaan piest. De menhirs stonden niet op de oorspronkelijke plaats maar ze waren verplaatst omdat ze aanvankelijk in een meer gevonden werden. Ze hebben in plaats van een circel er wel een vierkant van gemaakt en in de plaats van de stenen een paar wasbakken van vroeger gebruikt maar het idee wordt wel duidelijk en daar gaat het om toch?….

Er is altijd wel wat te beleven bij Els. Ria voelde zich meteen thuis en zat de eerste ochtend al op haar hurken te tuinieren. We ontmoetten wederom nieuwe vrienden van Els en Gérard en we hebben heerlijk relaxed geslapen in de camper.

Ja, en toen kwam toch dat huis weer ter sprake. Dat huis, een kleine 500 meter van Els vandaan. Dat nieuw gebouwde huis dat al twee jaar te koop staat en waar ik de vorige keer over het hek ben geklommen om naar binnen te kijken maar waar dat weinig zin had omdat de luiken dicht waren.

Het huis fascineerde nog steeds en Els vroeg of ik het niet wilde zien. Om een lang verhaal kort te maken; dezelfde dag belden we met de eigenaar met de vraag of we binnen konden kijken.

Dezelfde avond om 1800 uur stond er een truck voor het huis en Fransico stapte uit met de sleutel van het immense hek. We stiefelden de prachtig aangelegde oprit op en vergaapten ons toen al aan het uitzicht. Fransico opende het huis en deed de luiken en deuren open en toen werden wij allemaal stil. Hoewel het huis van de buitenkant er heel bescheiden uitziet, blijkt het een immense ruimte te hebben en is het een huis met drie flinke slaapkamers, en een immense keuken en een hele prachtige woonkamer met een spectaculair uitzicht, grote schouw en mooie hoogte. Dit is werkelijk het perfecte huis. Op een heuvel. Kleine lichtjes in de verte. Schapen. Overal om je heen groen. Privacy. Stilte. Groen. Oneindigheid. Op het prachtige ongerepte platteland van de Alentejo. Met de ruigheid van de extramadura. Met de authenticiteit van de oude dorpjes. Met de heuvels. De sfeer.

Overal hoekjes buiten om te zitten met groots uitzicht. Intercom, septic tank, aangesloten op water en electriciteit, gebouwd volgens laatste eisen met betrekking tot isolatie en – en dat was echt prachtig – alle kozijnen gemaakt van aluminium met houtdesign. Supersfeervol en super onderhoudsarm.

Het afwerkingsniveau is triple A. Er is met liefde gebouwd en dat zie je. Gérard, die zelf het nodige heeft gebouwd, zag met een kennersoog dat dit dus werkelijk kwaliteit is. Met bijna anderhalve hectare grond.

Nou. De prijs was ook nog eens enorm gezakt. 

Natuurlijk ga je dan denken. “Zal ik dit huis kopen? “ Voor de verhuur. Ik heb nog wat centjes. En zo je geld verdienen/zeker stellen/vermeerderen. Zo eng dat geld op de bank. Die banken! Die cyberaanvallen. Brrrr. Je kunt het toch beter in stenen stoppen?. Els kent hier zoveel mensen, er zijn altijd mensen die schoon kunnen maken en de huurders ontvangen. Els was enthousiast. Gérard was enthousiast. Ria was enthousiast. En ik was enthousiast. En dat is zacht uitgedrukt.

Maar dat was nog niet alles. Fransisco liet weten dat hij nog twee huizen te koop had en of we die niet wilden zien. Wij dachten “ach, waarom niet” en 10 minuten later zaten we met zijn vijven in zijn stoffige doch functionele truck en reden naar het volgende optrekje. Ohhh. Een spectaculair, werkelijk spectaculair huis. Ook op een heuvel. Met een 360 graden uitzicht adembenemend. Maar…. Het haalde het niet bij het eerste huis. Daarna hebben we nog een ander huis gezien maar dat had echt teveel nadelen.

Het werd natuurlijk meteen het gesprek van de dag. We aten onze prak om een uur of 10. Maar steeds meer ging ik bedenken dat het werkelijk een uniek huis was. En een unieke kans. Met de uniek voordeel dat Els zo dichtbij woont, zoveel mensen kent, zo goed Portugees kent. En natuurlijk vanwege Els zelf. Je kunt je geen fijnere buurvrouw bedenken. En Els was meer dan bereid om me met alles te helpen, nu en in de toekomst.

Ik had echt serieuze interesse. Maar dan moet er wel wat gebeuren. Het huis is zo mooi. Zo ongelooflijk, bijzonder, allemachtig, buitengewoon, achterlijk mooi.

Als er zo’n kans voorbij komt, dan moet je snel handelen. Aangezien hij in prijs behoorlijk was gezakt, dacht ik dat er inmiddels wel meer gegadigden zouden kunnen komen. Wat de druk behoorlijk opvoerde. Ik besloot dat ik er snel over na zou gaan denken en mijn boekhouder zou benaderen.

Maar er was nog een organisatorisch niet onbelangrijk dingetje. Ik zou met mijn nicht Ria naar Zuid-Frankrijk afreizen met de camper, op weg naar nicht Els die daar met haar man Hans in haar vakantiehuis is. Dus dat kon niet wachten. Ik besloot dat ik via Zuid-Frankrijk naar huis zou rijden en dan thuis op het vliegtuig zou stappen terug naar Portugal voor de laatste onderhandelingen en verder. Tevens bood dat de gelegenheid nog eens goed over e.e.a. na te denken. Aan Fransico (ik weet nog steeds niet hoe je dat schrijft dus ik schrijf het denk ik steeds anders) had Els laten weten dat ik serieuze interesse heb en terug zou komen rond 5 juni.

Ik dacht: “ach, in het begin wat gedoe maar daar moet je even doorheen, net zoals de camper…”.

Maar naarmate er twee dagen verder waren begon ik verder te twijfelen. En vanmorgen heb ik besloten het huis toch niet te kopen. Het is te ingewikkeld, ook fiscaal. En ik ben altijd afhankelijk van derden. Ik spreek de taal niet. Ik zie op tegen gedoe als de gemeente daar met rare dingen komt. Ik wil naar Portugal als ik er zin in heb en ik wil er niet naar toe móeten.

Ik zag mezelf al zeker zitten in dat huis. Op de bank voor de open haard met een spectaculair uitzicht. Maar ik heb thuis ook een fijn huis. En een mooie tuin. Én een camper om erop uit te trekken….

Ik kan het huis verhuren maar ik wil niet moéten verhuren. Niet daar tenminste. En voor het geld dat het huis kost, kan ik een fors aantal jaren zomaar leven zonder enige zorg. Voor mijn nageslacht hoef ik niets te sparen al gun ik mijn zussen ook wel wat hoor. Het huis zal zijn waarde behouden. Maar het kost me teveel inspanning en zorg.

Het is heel moeilijk om nee te zeggen tegen dit huis. Want het huis, het huis. Dat is werkelijk zo mooi. En het had zo leuk geweest dicht bij Els een huis te hebben.

Maar er komen teveel dingen bij. Te complex. Teveel druk.

Pffff. Vanmorgen dus Els gebeld en gevraagd of ze Fransisco wil bellen en zeggen dat het niet doorgaat. Ik vind het rot, ik mocht hem wel overigens. Ben wel blij dat ik nu gewoon plan A weer kan oppakken. Lekker met Ria door Spanje naar ZuidFRankrijk tuffen en dat doen we nu. Het is zo fijn samen te reizen. En ik verheug me erop om nicht Els en haar man Hans te treffen.

Dan rustigjes aan richting huis. Waar ik ook best wel weer erg naar uitkijk.

Ohhhh. Ik wil rust. En dat heb ik nu alweer meer. Een huis niet kopen geeft heel veel rust…..

En Els in Portugal, daar ga ik wel weer naar toe.

Gelukkig voor nicht Ria is het weer van de baan. Want ik was er met mijn gedachten de hele tijd mee bezig. Ze had daar alle begrip voor. Maar nu weer back to normal.

Voor zover het normal is dat je met je nicht uit Canada door Spanje scheurt. We  hebben het heel goed en wat is het leuk zo met zijn tweeen. Inmiddels al weer mooie dingen gezien. Ik ben heel blij met haar flexibele opstelling. En meedenken. We genieten beiden. NEver a dull moment for sure!

Dus. Wil je nog een huisje?

Zucht.

 

O ja, de foto’s volgen. Lukt niet met de wifi. Maar dat is maar goed ook. Je mocht eens in de verleiding komen….!

20170525_182658-2

Zoek Ria!

Hoogte- en dieptepunten

Het is raar. Er klinkt muziek uit het dal. Normaal gesproken hoor je bij Els alleen het gezoem van de bijen, het gehop van de hop (dat klinkt als: hop-hop-hop) en de bellen van de schapen. Maar er is ook wel iets te vieren. Portugal wint het Eurovisie-songfestival en Benfica wordt kampioen. En ook Feijenoord wordt kampioen maar ik denk dat ze dat niet hebben meegeteld.

Het weer wordt steeds beter en heter. Dat is fijn maar het maakt me er niet gerust op om Spits achter te laten in de camper als we weggaan. Aanvankelijk dacht ik dat de airco een oplossing zou zijn. Maar het stroomnet is hier zo onbetrouwbaar dat ik het niet aandurf. De stroom valt hier geregeld uit en dan kan ik niet het risico nemen dat Spits in de camper zit die binnen een mum van tijd bloedheet zou worden.

Als ik met Els op haar terras zit, zit Spits onder de camper in de schaduw. Maar hij registreert donders goed dat wij gezellig bij elkaar zitten, en dat daar drie honden bij zijn. Hij loopt dan in de hitte naar het hek en gaat zitten jammeren. Het blijft echt lastig.

Maar wat erger is, is dat mijn luifel kapot is gewaaid. Ik zette hem op terwijl er echt niet veel wind was. Maar er was plotseling een windvlaag die hem totaal optilde, en over het dak van de camper zwaaide. De twee knikarmen zijn gebroken en een steunpoot is gebogen. Ik kon de luifel samen met Gérard gelukkig nog wel ingeklapt krijgen maar hij is niet meer te gebruiken. Gelukkig is hij verzekerd maar in deze streek zijn er geen dealers waar je dat soort zaken kunt laten repareren.

Een en ander deed me besluiten toch naar een camping uit te wijken. Dan zou ik met Spits een schaduwplekje kunnen zoeken en een paar nachtjes met nicht Ria kunnen bivakkeren. Dan zou hij wat rust krijgen omdat hij niet steeds de andere honden om hem heen heeft en omdat hij dan kan genieten van mijn onverdeelde aandacht.

Dus ik toog naar een camping in de buurt en daar vond ik een plek in de schaduw onder een grote steeneik. Volgens de wet van behoud van Ellende werd Spits daar echt gek van alle kleine scherpe takjes en stukjes die onder de boom lagen en volledig in zijn vacht bleven zitten en in zijn vel staken.20170515_191309 Ik besloot de volgende morgen een andere plek te zoeken op de camping.

Ik vond een mooie, schaduwrijke plek met gravel als ondergrond, want je mocht gaan staan waar je wilde volgens het pricincipe “wie het eerst komt”, maar toen ik me net had geïnstalleerd kwam de campingdame toch vragen weg te gaan want ze had hem juist aan andere gasten vergeven. Ik moest uitwijken naar een plek zonder schaduw. Zonder luifel. Met een zwarte, langharige hond. In de brandende zon. Ik kon de airco aandoen maar dan zouden de mensen naast me er last van hebben. Ik zou kunnen weggaan overdag maar dat zou een soort vluchten zijn en wil ik niet hoeven te vluchten. Ik kon niet naar het zwembad van de camping met Spits want daar was het te heet. En Spits achterlaten wilde ik niet.

Ik werd nog triester toen ik bedacht dat ik ’s avonds, als Ria aan zou komen, geen enkele privacy zou hebben. Als we buiten gingen zitten en uitgebreid zouden bijpraten, zou iedereen ons kunnen horen, en niet alleen dat, ook verstaan, want het gros was Nederlands!

Ik was het helemaal zat. Werkelijk helemaal zat. Het huilen stond me nader dan het lachten. En toen kreeg ik het geniale idee de Herdade te bellen. Met de vraag of dat huisje van Wendy vrij was….. Vervolgens boekte ik het voor 4 nachten. En anderhalf uur later arriveerde ik er met de camper en diezelfde middag lag ik uitgebreid in het zwembad.

Heerlijke koelte, in dat huisje. Wat een genot. Voor Spits in de eerste plaats maar voor mezelf ook. Ik kan Spits hier in het huisje achterlaten zonder zorgen. En Spits kan hier buiten vrij rondlopen. Totale privacy. En een goddelijk zwembad!20170519_152312

Zie ook dit fillumpie… Ik heb me wel voorgenomen Spits nooit meer mee te nemen naar warme oorden. Maar het was zo’n vanzelfsprekendheid dat hij mee ging. Toen ik met Leo reisde, bleef Leo in de camper en kon bij Spits zijn terwijl ik op stap ging maar eerlijkheid gebiedt me te zeggen dat we niet veel anders ondernamen dan sec het reizen met de camper wat we heerlijk vonden. Tevens reisden we met name buiten het seizoen. Maar dit is geen succes.  Echter, gedane zaken nemen geen keer. En hoe het verder gaat zien we dan wel.

Dinsdagavond heb ik Ria opgehaald van de bus. Ze had 26 uur gereisd.. (Kelowna (Canada) – Vancouver – Amsterdam – Lissabon – Estremoz!) En we hebben heerlijk bijgepraat.

Woensdagochtend echter zei Ria erg veel pijn te hebben en ze vermoedde een blaasontsteking. Ze herkende de symptomen van eerdere keren dus het zwembad moest wachten. We konden gelukkig terecht in Estremoz bij het centrum voor Eerste hulp. We werden alleraardigst ontvangen door een Spaanse arts die haar antibiotica en pijnstillers voorschreef maar niet nadat hij heel sip had verteld dat hij niet begreep waarom Spanje toch zo was gezakt in de lijstjes van landen waar mensen graag zijn. “Why do everybody like Denmark and Sweden?” sprak hij met behoorlijk wat spijt in zijn ogen en hij hing aan onze lippen in de hoop dat wij hem de verklaring konden geven. Ria brabbelde iets over goede ouderenzorg en ik probeerde nog wat over kinderopvang. Maar hij was er niet gerust op.

Hij schreef twee receptjes die Ria bij de apotheek direct kon inleveren. En dezelfde middag konden we alsnog het zwembad voor onszelf in beslag nemen. Diezelfde avond hebben we heerlijk met Gérard en Els pizza gegeten in Vila Vicosa.

Helaas voelde Ria zich de volgende ochtend nog steeds niet lekker en ze was ongerust. We hadden het telefoonnummer van de arts (privénummer ;-)) en appten. Zo waren we gisteren terug en het is twijfelachtig als je constateert dat je feilloos de weg weet in de eerstehulp post.

In overleg met Dokter Carlos werd besloten dat Ria een infuus zou krijgen met een middel tegen de krampen. En zo besteedde Ria haar tweede middag in Portugal aan het infuus op de eerste hulp…

Ria voelt zich nu beter.

Vandaag gaan we dan toch eindelijk het kasteel hier bekijken en ik ga naar de kapper (oeps).

Morgen gaan we naar de markt in Badejos en Ria overweegt een grotere koffer te kopen voor de terugreis. In de tussentijd overleggen we over de beste plek voor de afwasborstel in de camper, en buigen we ons over de vraag of het totaal ontbreken van enig internet in een vakantiehuisje een voordeel of een nadeel is.

Ondanks de hindernissen zijn het toch heel relaxte dagen. Er is hier de heerlijke stilte, de natuur, de zon. En nog een aantal weken te gaan. En het is beregezellig met Ria. “Ria, wat is bakkebaarden in het Engels?”. We leren ook veel van elkaar….!

20170515_203303

 

20170515_220946

De tv werkt nu ook in de camper. Gelukkig kreeg Els visite van een hele handige Jacques! Dus de ontknoping van het Songfestival keek ik in de camper….

 

 

Herinneringen

De rust is tamelijk weergekeerd nu de honden gescheiden zijn. Spits heeft zijn privé-landgoed en dan gaat het met mij ook een stuk beter.

Ik heb de rust en de tijd en gelegenheid om te mijmeren. Dus ik mijmer ook wat af. Dat varieert van de vraag hoe het toch komt dat al mijn icoontjes van mijn telefoon ineens helemaal door elkaar zitten tot vele vragen en gedachten over Leo.

Er is hier veel dat herinnert aan Leo; we zijn 3 keer samen hier geweest. Ik liep langs de apotheek waar hij twee jaar geleden zijn wandelstok kocht. Toen liep hij dus nog. Ik zag het makelaarskantoor waar we jaren geleden het gesprek hadden met de lokale makelaar omdat we ons aan het oriënteren waren over de koop van een camping hier. Ik zag het terras waar ik kip bestelde met Leo en een complete kaak met kiezen geserveerd kreeg. We liepen over het plein waar we overnachtten met de camper waar de buurman middenin de nacht met water op onze camper met een waterspuit begon te spuiten, nadat hij eerst zijn camper had bespoten. Maar later bleek het de automatische sproeiinstallatie van het grasveld te zijn waar we met de achterkant van de camper overeen hingen.

Nu loop ik over datzelfde plein met Els, Gérard en dochter Wendy en haar man Peter en dochtertje Karlijn (4jaar)  die hier in de buurt een weekje een huisje huren. Er is markt. De markt in Estremoz is het equivalent van de kringloopwinkels in Nederland. Met als enige verschil dat het prijsbeleid hier wisselt per kraam. Ik loop ik hier gniffelend langs de handel. Éen Euro per glas? Poeh! Bij ons krijg je er daar 6 voor!.

Maar het is altijd leuk te snuffelen en ook de wetenschap dat ik een grote berging onder het bed heb die nu gewoon nog leeg is wekt het jachtinstinct bij mij. Maar ik houd me wel in; aan het einde van de markt heb ik 2,5 kilo aardbeien gekocht en twee CD’s á 1,50 Euro. Het kopen van CD’s beschouw ik als gokken en dat is de enige vorm van gokken die ik mezelf heb toegestaan. Op dat vlak zaten Leo en ik op één lijn. De enige impulsaankoop waar ik hem ooit op heb kunnen betrappen  waren wat CD’s in Griekenland. Toen die niet aan de verwachting voldeden, hebben we de CD’s achtergelaten op allerlei plekken in het dorpje. Op bankjes in het park met name. We voelden ons een goede fee die cadeautjes uitdeelde.

Onze dagen vullen zich met aangename ontmoetingen met vrienden en familie. Vrienden van Els die ik inmiddels ook ken. De dochter van Els is vandaag weer op weg terug naar Nederland. Ik heb ook nog wel even het zwembad getest behorend bij het huisje dat ze huurden. Het huisje hoorde bij een grote Herdade hier een eindje verderop. Als je ooit een huisje in Portugal wilt huren dan is dat een prachtige optie.

De dagen glijden voorbij met uitstapjes, etentjes, uitstapjes, etentjes, uitstapjes…… En dat zijn leuke dagen. Ook een bezoekje aan de dierenarts. Want Spits had zich opengehaald. Gelukkig was het een oppervlakkige snijwond waar we maar beter niets aan moesten doen volgens de dierenarts.

Het weer varieert enorm. De ene dag nog bloedheet, gisteren wat winderig en kouder en vandaag flink regen, bewolkt en wind.

Vandaag is een dagje “klooien” in de camper. Ik heb de radio aan en zit heerlijk met een magnifiek uitzicht dit blogje te schrijven.  Zometeen even naar het huis om de blog te posten. Els doet administratie. Gérard klust.

Inmiddels heb ik Chopin en de Walvissen gedraaid. Ik zou er rustig van moeten worden maar ik word er doodnerveus van. Dus iemand nog geïnteresseerd in een CD-tje met Walvissen?

“Instead of just listening to the Music & Sounds you can feel the ambience of Nature, with yourself in the Center.” Wie wil dat nou niet?

Maar daar heb ik hier geen CD’tje voor nodig!

Verhuisd!

De zigeunermarkt in Badejos, net over de Spaanse grens, heeft wat weg van een open-lucht Action. Qua assortiment, qua prijzen, en qua gretigheid waarmee het winkelend publiek zich tussen de kramen wurmt. Een soort drie-dwaze-dagen sfeer. Ik kocht drie linnen tasjes en een lap stof, Els een paar kledingstukken á 3 Euro per stuk, en Gérard kon zich ook niet bedwingen; die kocht een gootsteenontstopper.

We moesten in Badejos zijn, omdat Gérard – de vriend van Els die in Madrid woont – een brief had gekregen van de SVB uit Nederland (denk je daar eindelijk niets meer mee te maken te hebben, wordt je agenda in je vakantie nog steeds bepaald door de SVB), waarin hem werd verzocht een verklaring te overhandigen van een notaris waaruit zou blijken dat hij lééft. Dit om fraude te voorkomen bij de inning van de AOW in het buitenland. Hiermee was de AOW van Gérard weer veilig gesteld en zo combineerden wij het nuttige (de markt) met het aangename (de AOW-continuïteit).

Zo hebben we de laatste dagen nog meer uitstapjes gemaakt. Onder andere de inmiddels traditionele lunch in Hotel Évora (fillumpie) en een rit in de lelijke Eend van Gérard die bijna 40 jaar oud is (de Eend). Met open dak uiteraard. Ik weet nog wel dat ik ook een eend had die ik aan zus Trudy had uitgeleend. Achteraf zei ze dat hij wat moeilijk startte maar dat hij het later als ze de choke gebruikte wel ging doen. Het bevreemdde me, want ik had nooit startproblemen. Later bleek dat ze niet de choke uittrok , maar dat ze de draaiknop te pakken had van de koplampen, die ze daarmee in de hoogste stand draaide….

Sentiment dus en veel bekijks.

De rust die ik hier zocht ga ik nu eigenlijk pas voelen. Dat heeft even geduurd want de eerste dagen waren niet geheel zonder stress. Het vrolijke rendez-vous met de honden, zoals ik had gehoopt, bleef uit. Het werd een vijandige confrontatie. Met opgetrokken lippen, gegrom, geblaf. En inmiddels voel ik wel aan of het een gevalletje “even uit laten zoeken” is of serieuze foute boel. We konden de honden niet loslaten, vooral vanwege Spits en Tarek, een grote Raiffeiro Alentejano. Twee jaar geleden ging het  nog schoorvoetend; nu volledig onmogelijk. Ik kon Spits niet loslaten. En ook niet aan de lijn zetten, want dan kan hij niet weg en dan voelt hij zich nog meer bedreigd. Alle honden vast was ook geen optie.

We hebben de camper daarom buiten op de oprit gezet, die ook is afgezet. 20170503_122428Dus de honden zijn nu door een hek gescheiden van elkaar. Dat geeft veel meer rust. En nu pas kan ik er echt rust vinden. Ik had er erg veel moeite mee Spits zo rusteloos te zien. Die was continu aan het waken. En had nergens een ‘veilige’ plek. Nu is het voor hem alsnog soms wel lastig als ik het huis inga, want dan blijft hij toch achter het hek, maar dat is te doen. (Voor een impressie; zie dit fillumpie)

Ik voelde me echt even heel ongelukkig. Het was natuurlijk vervelend voor Spits, maar Spits is niet zomaar een hondje voor mij. Spits is zo onlosmakelijk verbonden met Leo, dat het nog meer gevoelig is als je ziet dat Spits het niet goed heeft. Zeker als je weet wat Spits voor Leo betekende. Ook als hij alleen in het huis was, ging het mis. Want als hij dan de honden opgewonden hoorde blaffen, dan wilde hij daar ook bij zijn, werd bang en krabde de verf van de voordeur.

Het gaat nu een stuk beter. Al moet Spits ook wennen. Aan de hitte,  aan de geluiden van de insecten. Thuis is hij al bang van hommels en bromvliegen. Hij heeft ook wel last van de klitten in zijn lange vacht van de grassen en planten die hier staan. Maar hij heeft nu de rust. En ik dus ook.

Ik vind ook wel dat ik moet accepteren dat er in een hondenleven ook momenten zijn die sub-optimaal zijn. Alleen kan je het niet uitleggen aan hem. Zo is het dan ook maar.

En alles wordt weer even in perspectief geplaatst als ik de herdershond zie, een kleine 200 meter verderop. Die staat de hele dag aan de lijn van 3 meter. Wel in de schaduw van een boom. Maar zonder verder enig hondenvertier. Dat is pas een hondenleven.

Dus Spits, ja, die moet af en toe dan misschien wel even slikken.

Maar slaapt goed als we ’s middags weggaan. Die houdt dan even siësta voor een aantal uurtjes. In zijn veilige camper. Met de airco aan…..

20170505_164057

Een blokje volstaat niet. Het terrein hier is schever. Maar hier zijn marmerblokken genoeg. Wel een heftig staaltje “holletje trekken”. En dan wel op tijd stoppen… 😉

 

 

 

 

 

 

Stuk

Oh, altijd leuk om in te checken hier. Tevoren even met Els het begroetingsritueel besproken hondjestechnisch. Want al die opwinding met al die honden. Daar moeten we even voorzichtig mee zijn. Dus eerst ben ik uit de camper gestapt en heb Els en haar honden begroet, toen is Els in de camper gekomen en heeft Spits begroet, zodat die Els al heeft gezien (hij gaat uit zijn dak als hij haar ziet). En vervolgens ben ik uitgestapt en heb Spits eruit gelaten. Dan is er al een stukkie spanning af.

De camper heeft een prominente plek. Het voelt vertrouwd. Ik was al een keer met Leo en onze camper hier. Onderweg kwam ik nog langs Hotel Mirabel. Daar overnachtte ik met Leo bij de benzinestation….. Ik schreef er toen een blogje over. Twee jaar geleden…. En natuurlijk ben ik hier ook heel vaak inmiddels alléén geweest. Ook toen Leo ziek was. Ik voel me dan ook niet echt op visite. “Je bent geen gast, Sylvia, en als je je wel zo gaat gedragen dan zwiep ik je eruit” zei Els me vandaag. Zoiets.

Ik heb wel wat scheef geslapen vannacht. Maar vandaag hebben we wat marmerblokken voor de oprijdblokken gelegd. Rechter dan dit kan hij niet staan dus ik verheug me nu nog meer om vannacht hier te gaan pitten.

Vanmorgen was het koud en winderig. En we hebben het haardje aangezet. De vooruitzichten voor de komende week zijn heel goed. Wat dat betreft lijkt het wel een gegeven dat het goed weer is hier als het slecht is in Nederland en andersom.

Ik heb het idee dat ik nu pas “echt” aan uitrusten toekom. Eigenlijk was dit het doel; bij Els zijn en een paar weken niets doen.

Hoewel het reizen heel goed is gegaan, is het toch continu alert blijven. Dus ook na een paar dagen rustig aan tuffen is het nu even lekker niets te hoeven.

De camper heeft het goed gehouden maar de tweede nacht gaf de waterpomp problemen. Ik vermoed iets met het overdrukventiel, maar het was wel even spannend. De pomp sprong spontaan aan en met een hoop herrie kwam er water onder de camper vandaan Het was nadat ik water had getankt. Vervolgens had ik de verwarming aangezet. Dan gaat automatisch de boiler opwarmen dus dan zet het water uit. Ik heb vervolgens de kranen open gezet, en uiteindelijk de volgende morgen nog eens geprobeerd. Dat ging goed. Maar ik kneep hem wel even.

Diezelfde nacht zat Spits om 02.30 te piepen. Hij lag te snurken toen ik naar bed wilde en ik dacht dat hij het wel uit zou houden tot de volgende morgen. Maar niet dus. Zijn overdrukventiel gaf ook alarm aan. Ik liep dus om half drie over een donkere camping met een lantaarn de hond uit te laten.

Rustige nachten wel, dus (ahum). De nacht op de blokkencamperplaats bleek de gasfles leeg. Vreemd want ik had hem nog niet zo lang geleden aangebroken. Maar de koelkast springt automatisch van 12Volt naar 220 naar gas al naar gelang de omstandigheden. Ik hoop maar dat hij dat dus ook doet, dus dat hij niet op gas blijft lopen als er electriek is. Dat kan ik nergens uit opmaken. Erg lastig voor een controlfreak als ik!

En nu dus…. Doet de verwarming het niet. Hij geeft aan dat hij geen gastoevoer heeft, terwijl de gasfles vol zit. Dat weet ik omdat ook het gasstel het gewoon doet. Ik duik dus maar in de documentatie die hier in de camper ligt. En anders moet ernaar gekeken worden. Zolang ik op camping Elsa sta, heb ik mijn electrische kacheltje dus dat is geen probleem maar leuk is het niet.

Het is een aloude wijsheid, dat bezit ook zorg betekent feitelijk. Maar het zijn zorgen die te overzien

Ja mensen, leuke verhaaltjes over het camperleven is natuurlijk wel leuk. Maar om een écht idee te krijgen, ga ik jullie lekker vermoeien met stukkies over alles wat stuk is gegaan! Jullie hebben immers bewezen in voor- en tegenspoed met me mee te leven.

En dat waardeer ik natuurlijk erg.

Het is even zoeken waar ik over zal schrijven. Natuurlijk over het reizen. Maar het is wel ineens een overgang van onderwerp na de blogs van nog geen twee maanden geleden.

Ach, we zullen het wel zien. Hoe dan ook, ik schrijf wel wat door. Want ik houd van schrijven. En Leo komt zeker af en toe om de hoek kijken.

De stukkies nu wel wat minder frequent verschijnen nu ik hier op de berg zit.

Maar ik beloof, als er nog wat stuk gaat, dan meld ik het!

Spits heeft het wel even ingewikkeld; drie honden, drie katten, kippen…. En dan het bewaken van de camper wat zijn huis is. Maar dat huis staat op de grond van de andere drie hondjes….  Hij heeft gelukkig zijn nieuwe mand gevonden die ik nu voor het eerst heb meegenomen. Kan hij lekker met zijn snuit op de rand liggen. HAndig bij het Belgische wegdek. En ook voor sommige Portugese of Spaanse wegen…..

Blokjes

Ja. Als je niet mag wildkamperen dan moet je een camperplaats of camping opzoeken. Net over de Spaanse grens vond ik een camperplaats, een gedoogplaats. Er stonden al wat campers, onder andere in de vakken waar ook een bord met een bus bij stond. Dat vak was bedoeld voor bussen. Aangezien daar de meeste plek was, ben ik daar gaan staan. Er waren namelijk helemaal geen bussen. En het was al over zessen. En als er wel bussen zouden komen, dan zou ik gewoon weggaan.

Het vak was alleen wel scheef. Dus normaal gesproken haal je dan de blokken voor onder je banden tevoorschijn. Maar ik aarzelde. Dit was een gedoogplaats en als je blokken zet, dan is het wel overduidelijk dat je daar wilt overnachten. Dus ik keek de boel even aan. Zat wel even te twijfelen. Scheef slapen is namelijk niet lekker. Hoewel het ook wel weer uitmaakt of het scheef in de lengte of scheef in de breedte is, en dat hangt dan ook weer af of je bed in de breedte of in de lengte is. Dus.. daar zijn geen wetten in de zin van scheefstanden voor….  Toen kwam er een nieuwe buurman in het bussenvak en die sleepte enthousiast zijn blokken uit de berging.  Ja, toen dacht ik ook meteen  “zal ik het dan toch ook maar doen”.

Maar ik vond het zo slap van mezelf dat ik die buurman blijkbaar nodig had om die blokken te pakken dat ik meteen principieel besloot het niet te doen. Ik was nog net bezig met de psychologische analyse van mijn beweegredenen,  en enige zelfreflectie rond het thema beïnvloeding (waarbij ik de Leofaktor ook zou betrekken) toen een overbuurman, die niet in het bussenrijtje stond, naar de blokkenbuurman gebaarde.  Die dribbelde er naar toe en er werd wat overlegd. Overbuur wees naar het bussenbord. En terstond reed de buurman weer van zijn blokken af en parkeerde zijn mobilhome in een ander vak.  Maar ik – sterk als ik ben – ben blijven zitten!

Nee, dan een camping. Dat had ik mezelf beloofd voor vandaag. Stuk relaxter, makkelijker, en geen bussenrijtjes. Ik vond een bergcamping zo’n 350 kilometer voor Alandroal. Zodat ik morgen een laatste ritje zou maken. Het was wel een behoorlijke klim met aardig wat haarspeldjes. De automaat deed het prima. Had wel bestudeerd hoe ik eventueel op de handschakeling zou moeten overschakelen. Het zou een camping zijn met restaurant, bar en allerhande voorzieningen. Voor de somma van 25 Euro, dan mag je wat verwachten….

Maar toen ik aankwam, zag ik een vervallen bar/restaurant en een ketting voor een afrit die blijkbaar naar een camping zou leiden. Roestig, stoffig, en geheel verlaten.  Maike, die graag verlaten plekken fotografeert, zou ervan smullen. Het receptiegebouwtje zag eruit alsof de laatste gasten anno 1930 hadden uitgechecked (jaartal he, geen tijd). Leeg. De grote houten deur van het hotel piepte en klemde toen ik hem openduwde. Ik kwam bij de receptie van het hotel. Niemand te bekennen. Donker…. Ik deed de deur naar het restaurant open maar geen teken van leven. Ergens ver hoorde ik iets maar dat was te vaag en ik had er al helemaal geen vertrouwen meer in.

Toch even shit. Ik keek op de navigatie naar een nieuwe camping. 31 kilometer verderop. Ik besloot toch nog een poging te wagen en liep terug het hotel in. Ik liep op het geluid af. Moest een lange trap naar beneden en kwam ergens in de catacomben aan. Toen hoorde ik geamuseerd geluid, veel mensen, praten, achter een deur. Ik trok de stoute schoenen aan en stapte naar binnen. Daar zat een gehele Spaanse familie met een hoog Bertolli-gehalte uitgebreid aan een immens lange tafel te lunchen. Het geluid verstomde. Ze staarden naar me.  “Ola” zei ik, terwijl ik met mijn wandelschoenen en fleecebroek wel wat detoneerde bij de opgedofte familie. Ik zag in de verte een serveerster die met haar rug naar me toe stond. Ik liep naar haar toe en sprak haar aan. Ze draaide zich om, schrok zich te pletter  en  kon geen woord uitbrengen. Haar mond stond wagenwijd open, en dan overdrijf ik niet…… Dat hield ook werkelijk enkele seconden aan.

Ze was niet in staat ook maar één geluidje uit te brengen en staarde me met grote ogen aan. Ik kwam echt niet meer bij. Uiteindelijk had ze de tegenwoordigheid van geest om iemand te gaan roepen. Toen kwam er een dame en die zei dat de camping open was. Ik was wel de enige gast……

Zo, en nu sta ik dan op een verlaten terrein. De electriciteit deed het alleen in vak 2 en ik sta in vak 47. Dat was de grootste plek, en da’s lekker.  En oh…. Wat goed dat ik de grote haspel met verlengsnoer heb meegenomen. Die namen wij altijd mee met de camper. Heb er nog over getwijfeld. Maar kwam nu goed uit.

Ik zit nu dus heel allenig op een hele stille, donkere, verlaten bergcamping….

O zo veilig. Maar inchecken op een wildkampeerplek geeft minder stress!

Lekker hutspot gegeten uit de vriezer van Trudy, o nee, lekker hutspot van Trudy gegeten uit de vriezer. Ik heb deze dagen geen boodschappen hoeven doen. Alle algemene dagelijkse basisbehoeften zijn aan boord; chips, wijn, chocolade. O ja, en brood en eten.

Morgen de laatste etappe!

Benieuwd hoe het inchecken gaat op Campground  Elsa.

Op weg

“Stukkie rijden?” vroeg Frans, die me zijn camper wilde verkopen. Hij zei het toen we na het gesprek aan de keukentafel waarbij werd ingeschat of ik een serieuze koper zou zijn, naar de camper liepen. Nog voordat ik me kon vergapen aan de gadgets gaf hij me de sleutels. “Driving is the proof of the pudding”….. En wat ik toen al direct voelde, dat voel ik de laatste dagen ook. Het gevaarte rijdt als… nou ja, rijdt als – zeg maar – een naaimachientje. Nu heb ik nooit in een naaimachine gereden, maar je begrijpt wat ik bedoel. Het is net zoals je zegt dat je Brinta naar karton smaakt zonder dat je feitelijk ooit karton hebt gegeten….

Gisterennacht heb ik een camperplaats opgezocht. Mijn familie en vrienden hebben me namelijk verboden om wild te kamperen. Dus die grote parkeerplaatsen bij benzinestations laat ik links liggen. Het had altijd wel wat, tussen de vrachtwagens. Maar ja. Ik heb nog wel gesputterd; ik heb kort grijs haar en ben 1.87 meter maar dat maakte geen indruk. Ik moest naar een camping. Of camperplaats.

Dat camperplekje was wel oké. Ik heb overigens met mijn zus Trudy een hotline. Elke dag laat ik weten waar ik ben. Soms met een telefoontje en anders maak ik een screenshot van mijn navigatie waar de coordinaten op staan. Alleen ontstaan er met deze constructie weer andere gevaren; ik zat zo lekker met haar te kletsen dat mijn aardappeltjes die ik aan het koken was, droog stonden te koken. Het is ook wel weer knap om gekookte aardappelen aan te laten branden.
Ik had bedacht dat ik niet de tolwegen zou gaan kiezen maar ik ben van gedachten veranderd. Ik heb gewoon de navigatie gezet op: Alandroal, Portugal. En ik doe gewoon wat ze zegt. Dat is wel heel relaxed. Oké, ik kwam precies in de spits in Parijs terecht. Maar dat moet je toch ook een keer meemaken. Ik heb immers niet voor niets die automaat….. Die tol is wel prijzig. Maar ik heb er nu gewoon even lak aan.

Op deze manier kom ik misschien wel wat eerder aan bij Els, en dat weet ze nog niet maar ik ga haar wel paaien. Ik heb namelijk extra veel pindasaus voor haar meegenomen. En dan wel de lekkerste, die van Calvé Mild en Kruidig. En nog wat zakjes…..

Het vertrek uit Ooltgensplaat was relaxed. En toch even vreemd. Gelukkig was Frans er weer, uit Limburg, die in mijn huis vertoeft. Hij heeft me ook in de regen uitgezwaaid. Spits ging meteen op zijn plek tussen de voorstoelen liggen. Hij ligt vaak met zijn kop op de grond en tegen de tijd dat ik zijn kiezen weer hoorde klapperen wist ik weer dat we Belgie hadden bereikt. Arme Spitsemans.

Ik zoef dus nu door het Franse landschap. Beter voor Spits. En tussendoor zo af en toe een koffiestopje. Dan laat ik ook Spits even uit. En maak een bakkie. Allemaal prima te doen. En als je dan weg wilt rijden en dan bedenkt dat je nog even moet stoppen om je biefstukje uit de koelkast te halen zodat hij op kamertemperatuur is ’s avonds, dan voel ik me wel een beetje een snob.

Dat meteen wordt afgestraft omdat de schotel van de TV ook op deze camping rondjes bleef draaien. Dan voel je je wel een beetje genant. Dan maar kijken op de tablet. Want nu heb ik wifi…

Ik maak het verder goed. Maar gosh wat heb ik veel te overdenken als ik zo aan het tuffen ben. Ik pas wel op hoor. Maar ja. Gedachten, gedachten. Eindeloos. Verdrietige, fijne, peinzende, mooie, pijnlijke….

Ik zit ergens voor Bordeaux. Prima camping. Met een campingbeheerder die zijn best doet om Engels te spreken. Die kan voor mij niet meer stuk. En Spits mocht voor niks. Nou ja.

Vanavond bijtijds naar bed. Ik ben wel moe. Had vandaag meer kilometers willen maken maar ik ben gewoon snel moe.
En ik heb de tijd, dus Musch gaat naar bed.